Het klinkt zo ideaal, het hebben van een online programma. Je maakt een keer iets en kunt dat vervolgens keer op keer verkopen. Alleen, hoe maak je iets dat voor veel deelnemers geschikt is en dat voldoende waarde biedt om daadwerkelijk een verandering te realiseren? In dit blog deel ik een aantal manieren waarop je een online programma kunt aanbieden en ik geef je tips over het opzetten van je online programma.

Soorten online programma’s

Een online programma kun je helemaal naar je eigen zin inrichten. Wil jij dat jouw deelnemer geheel zelfstandig aan de slag gaat, of wil je er op de een of andere manier nog een vorm van begeleiding bij aanbieden? Het kan allemaal. Daarom is het belangrijk om eerst na te denken over waarom je graag een online programma aan jouw aanbod wilt toevoegen. Grofweg kun je de online programma’s als volgt indelen:

  1. Volledig zelfstandig te doorlopen door de deelnemers
  2. Zelfstandig te doorlopen met een vorm van begeleiding

Als je er voor kiest om een programma te maken dat de deelnemers helemaal zelfstandig doorlopen, dan is het inderdaad een kwestie van 1 keer tijd investeren in het maken van het programma. Vervolgens kun je dit in een systeem inregelen, zodat een deelnemer na betaling toegang krijgt tot het programma. Jij bepaalt of de deelnemer ineens toegang tot het gehele programma krijgt of in delen. Vervolgens heb je er geen omkijken meer naar, tenzij er natuurlijk een (technisch) probleem is.

Het grote voordeel hiervan is natuurlijk dat je eenmalig een tijdsinvestering doet en vervolgens nauwelijks meer tijd kwijt bent met de opvolging. Een groot nadeel is dat het leereffect bij de deelnemer veel kleiner is. De ervaring leert dat het voor de meeste deelnemers toch een uitdaging is om zichzelf er toe te zetten een hele training geheel zelfstandig te doorlopen. Vaak worden deze programma’s niet volledig afgerond. En vanwege het gebrek aan feedback aan de deelnemer, zal de deelnemer minder leren dan mogelijk is met een online programma.

Op het moment dat je er voor kiest om ook een vorm van begeleiding aan te bieden bij het online programma, kom je weer voor nieuwe keuzes te staan:

  • Hoeveel begeleiding wil je aanbieden? (Denk aan wekelijks, maandelijks, hoeveel uur)
  • Wat voor soort begeleiding wil je aanbieden? (Bijvoorbeeld Q&A’s, extra masterclasses, mastermind, coaching)
  • In welke vorm wil je begeleiding aanbieden (individueel of in groepsverband?)

Dit zijn allemaal vragen waar je over na moet denken, voordat je kunt starten met het opzetten van je online programma. Heb je dit helder, dan volgt de volgende stap: de opbouw.

De opbouw van een online programma

Het opbouwen of beter gezegd uitwerken van een online programma verschilt niet veel met dat van een live training. Natuurlijk zijn er een aantal andere keuzes die je moet maken, denk bijvoorbeeld aan de werkvormen die je wilt gebruiken. Maar de volgorde waarin je te werk gaat, kun je zowel voor een online als een offline programma toepassen. Zo kun je in 6 stappen je eigen training uitwerken.

Start met je inventarisatie

Voordat je het onderwerp kiest, zul je onder andere moeten bedenken voor wie je een training wilt maken en wat het doel is dat je met de training wilt bereiken. Want zonder deze uitgangspunten kun je wel een training maken, maar wie heeft er dan iets aan? En wat gaan de deelnemers dan leren? Als je dit niet weet, kun je ook geen deelnemers werven om deel te nemen. Het uitgangspunt dat je voor deze inventarisatie kunt gebruiken zijn de W-vragen: wie, wat waar, wanneer, waarom, welke aangevuld met hoe ga je de training aanbieden. Je kunt dit gratis template gebruiken om een goede start te maken.

Kies je onderwerp

Afhankelijk van de grootte van je training en de tijdsduur kies je een onderwerp of thema. Belangrijk is dat je niet teveel kennis in 1 training wilt stoppen. Vaak wordt vergeten dat jouw deelnemers op een ander kennisniveau instappen dan dat jij zelf werkt. Jij bent immers de expert. Wat voor jou heel gewoon of heel duidelijk is, hoeft dat voor de deelnemers nog niet te zijn. Dus zorg dat je hen niet gaat overvoeren. Baken goed af welke kennis je wel en niet gaat delen.

Om een keuze te maken uit de vele onderwerpen waar jij iets over te delen hebt, is het slim om een brainstorm uit te voeren of een mindmap te maken. Op die manier kun je in kaart brengen wat je allemaal wilt delen. Ook krijg je dan voor jezelf helder of het niet teveel is.

Als je de onderwerpen gekozen hebt, ga je tijdens deze stap ook bepalen in welke volgorde je de onderwerpen aanbiedt. Wat is de meest logische volgorde om al die kennis te delen? Welke stappen zijn nodig om tot het gewenste eindresultaat te komen?

Werk je training uit

Als de onderwerpen gekozen zijn, kun je ze verder gaan uitwerken. Bij een online training is het natuurlijk van groot belang dat je goed nadenkt over de manier waarop je al je kennis wilt delen. Wil je dit aan de hand van video’s doen, wil je audio gebruiken, wil je (invulbare) tekstdocumenten inzetten? Er is meer mogelijk dan je nu waarschijnlijk denkt. Kijk daarom ook gerust rond bij anderen wat er allemaal mogelijk is.

Verzamel in deze stap alle informatie die je wilt delen en kijk dan vervolgens dus naar de manier waarop je dit wilt aanbieden. Durf ook nu gewoon nog te strepen en dingen te schrappen. Want je denkt al snel dat bepaalde dingen niet mogen ontbreken in de training. Maar is dat ook echt zo? Check daarom steeds stap 1: wat is het uiteindelijke doel, wat is het uiteindelijke resultaat dat je de deelnemer wilt laten bereiken. Draagt jouw informatie daar aan bij, of niet?

Zoek passende werkvormen

Zoals al eerder gezegd is dit een stap waar het verschil tussen het maken van een online en een offline programma duidelijk wordt. Online zul je namelijk andere werkvormen in moeten zetten om de deelnemers iets te laten leren, dan wanneer je hen offline begeleidt. Ook nu geldt dat er echt heel veel mogelijk is. Kijk daarom per les of per module wat de leerdoelen zijn die je wilt bereiken. En kies op basis daarvan passende werkvormen, zodat die leerdoelen ook echt gehaald kunnen worden.

Bedenk een passende introductie

Deze stap wordt vaak vergeten. Maar hoe start je een nieuwe les of een nieuwe module op? Kondig je aan wat de deelnemer in deze nieuwe stap kan verwachten? Om een geheel te vormen van alle modules of lessen, is het goed om terug te komen op voorgaande modules. Net als dat het goed is om ook weer vooruit te kijken naar wat er nog meer gaat komen. Maar dat sluit aan bij de laatste stap.

Zorg voor een goede afronding

Op welke manier sluit je een module of een les af? Je kunt dit natuurlijk op verschillende manieren doen. Zo kun je bijvoorbeeld iedere keer afronden met een samenvatting of een opdracht. Maar het is ook goed om er even over na te denken, of je op de een of andere manier wilt toetsen of het gewenste resultaat is bereikt. Of dat de leerdoelen zijn behaald.

Onthoud in ieder geval dat een training of een online programma nooit af is. Als je wilt, kun je continue dingen verbeteren of aanpassen. Het is een kwestie van ontwikkelen, uitvoeren en bijstellen. Natuurlijk wil je niet continue naar je programma omkijken. Een van de redenen om voor een online programma te kiezen zal immers zijn, dat je dit keer op keer opnieuw kunt aanbieden. Dus je mag op een gegeven moment ook een streep zetten. Maar start met een pilot of een aantal proefklanten om even de training goed te doorlopen en te evalueren. Dan haal je het meeste plezier uit je training!

Dit gastblog is geschreven door Irma Meijer van Boeiende Trainingen. Wil je ontdekken hoe jij meer mensen kunt helpen met jouw kennis in minder tijd? Wil je weten hoe je vanuit coaching meer mensen kunt begeleiden zonder dat dit ten koste gaat van de waarde die jij wilt leveren? Laat je ook inspireren met de blogs en kennis voor een online programma.

Download het e-book met 15 Content Marketing Tips voor jouw bedrijf

Populaire blogs